En daarmee was men weer niet veel wijzer. Het ontheft ons van de plicht te trachten het oorlogsprobleem ( overigens elk probleem ) naar plaats en tijd te analyseren en daarmee een bepaald concrete bijdrage te leveren. Deze taak wordt steeds ondankbaarder, te meer daar het ethische perspectief weliswaar nog niet erin is geslaagd oorlogen onmogelijk te maken maar wel al een soort ban over die analyses heeft gelegd. “(p.28)
...De werkelijkheid is altijd anders, aldus brengt von Clausewitz zijn pupil zeer duidelijk aan het verstand, en daarom raadt hij hem aan liever de krijgsgeschiedenis te bestuderen dan zich al te veel met theorieen af te geven. Niet krijgsgeschiedenis in handboekvorm - daartegen waarschuwt von Clausewitz hem - maar zo feitelijk mogelijke verslagen van significante krijgsgebeurtenissen, ook wanneer die, historisch gezien, niet eens zo belangrijk waren. Daaruit valt voor een jongeman, die de oorlog nog niet zelf heeft beleefd, het allermeeste te leren omdat het ten slotte op morele kwaliteiten aankomt. Deze , en niét fraaie theoretische uitgangspunten, beslissen over overwinning of nederlaag...(p.18)
...Men neemt tegenwoordig vaak zo voetstoots aan dat intellectuelen altijd het minste bloed wensen te vergieten, en militairen het meeste, dat het goed is eens erop te wijzen dat de zogenaamde totale oorlog van oorsprong zeker geen idee is geweest van de mensen die er professioneel mee te maken hadden...
...Het is zeer de vraag wie bijvoorbeeld meer voor de goede afloop van de Tachtigjarige oorlog hebben gezorgd: de burgers in de steden, hoe militant zij ook waren, of de vreemdelingen die Maurits en Frederik Hendrik wisten te charteren en die het eigenlijke werk tegen de Spaanse troepen deden. (p.17)
Aan al deze toestanden kwam dus na 1789 een einde. Napoleon bezegelde dat te velde en von Clausewitz heeft met zijn Vom Kriege daarbij de invloedrijkste theoretische interpretatie gegeven.
Zijn boek is in de eerste plaats een polemiek tegen de oude 'manoeuvre-oorlog' met zijn gecompliceerde regels. En al vocht hij dan zelf tegen Napoleon, voor hem was deze de grote vernieuwer die hij zelfs 'der Kriegsgott' doopte.(p.18)
De principes van de krijgskunst zijn erg eenvoudig en volkomen te begrijpen met het gezonde verstand. Alhoewel bij tactiek wat meer speciale kennis komt kijken dan bij strategie is ook die kennis zo beperkt dat zij nauwelijks met een andere wetenschap kan worden vergeleken. Geleerdheid en diepzinnigheid zijn er dus niet voor nodig, noch zelfs veel begrip, afgezien van een talent voor krijgslisten. Men heeft lang het tegendeel van dit alles volgehouden maar dit was uit een misplaatst gevoel van eerbied voor deze zaak en had ook te maken met de ijdelheid van auteurs die erover hebben geschreven. Een onpartijdige beschouwing kan ons slechts dit leren.
In zekere zin las ik op p.22 van het aan ons uitgereikte stencil 'de motivatie' van mijn keuze voor het officiersvak terug.
De Vier Apocalyptische Ruiters door René Smeets 1940In 1941 werd mijn oom student aan de Economische Hogeschool te Tilburg. Mijn vader was reeds aan die studie begonnen nadat hij was gedemobiliseerd na de nederlaag van het Nederlandse leger in 1940. Beide waren zij lid geworden van de studentenvereniging St. Olof. Hier kun je enkele documenten uit die periode bekijken.
In februari 1943 was mijn oom na een razzia op studenten een poosje ondergedoken in Verviers.

Brief van mijn oom uit Verviers aan zijn familie. In de rechtermarge staat dat hij toch 'liever officier wordt'. De brief heb ik ooit als jonge jongen eens mogen lezen van mijn vader.
Zie voor brieven van mijn ondergedoken oom aan zijn broer in krijgsgevangenschap deze link ; Brieven naar 'Stalag 371' / 'Oflag 67'
Ansichtkaart van twee onderduikers aan mijn grootouders verstuurd, 1943.
In de bibliotheek van het Niod vond ik in een autobiografisch manuscript 'De Smalle Weg' ,1978, door Bim van der Klei uit Oisterwijk, een beschrijving van diens onderduiktijd te Haaren, samen met mijn oom - schuilnaam 'Bart' - vanaf april 1943 tot februari 1944.







Onder het verslag van de roofoverval op de Gemeentesecretarie van Haaren op 14 januari 1944, o.a. door auteur van het verslag, Martin van de Weijer, staat een uiterst merkwaardig Rapport van 'Ik, Johannes Pertus Wens' en de speurhond BOBBY van de Speurhondenbrigade Bosschenhoofd.
Hergé bedacht in 1953 het Kuifje& Bobby avontuur 'Raket naar de Maan'/'Mannen op de Maan'. Kolonel Jorgen, het voormalig hoofd van de geheime dienst van Syldavie in 'De Scepter van Ottokar 'uit 1938, reist mee als verstekeling. Lees de conversatie in
dit fragment van het stripverhaal tussen de Kolonel en raketgeleerde 'Wolff'. Wolf' was overigens zowel een bijnaam voor Hitler als ook de Duitse codenaam voor Captain P. Best gedurende diens gevangenschap.
Hergé geeft in deze video zijn mening over het werk dat hij zelf had bedacht.
Was deze Kol.Jorgen een fictief persoon, of zou Hergé met zijn creatie van Kol. Jorgen een levend personage op het oog hebben gehad?
11 september 1944 Brief van mijn grootouders aan 'Beste Adriaan' -mijn vader-, op dat moment krijgsgevangene in Stanislau Het concentratiekamp Vught werd op 5 en 6 september 1944 ontruimd. Mijn oom - 'R' - werd ingedeeld bij het transport van 6 september. M'n grootmoeder vind het heel erg van 'R'. Nu is het wachten op de 'finale'.
Teruggevonden strook H-154/ H-156 van de Kuifje&Bobby cartoon 'De zeven kristallen bollen' door Hergé. Strook H-155 mist een afbeelding en was bestemd voor publicatie op 6 september 1944 in 'Le Soir'. 'Le Soir' kreeg echter een publicatieverbod opgelegd op 3 september, de dag dat Brussel werd bevrijd. De medewerkers van het dagblad werden gearresteerd en voorlopig opgeborgen in afwachting van hun berechting.
Voorpagina van Le Soir van 1 september 1944 met aankondiging van de inzet van een 'nieuw wonderwapen' door J. Goebbels, Toegevoegd heb ik een document ondertekend door H.Himmler, waarin hij Waffen SS Gen. Kammler voordraagt voor een hoge onderscheiding vanwege de succesvolle operationele lancering van de V2 op 5 september onder diens leiding. Een lancering die aanvankelijk stond gepland voor 15 september 1944 - nieuwe maan- zo laat de Reichfuehrer weten.*Rechts hiervan de 'toevallige'ontmoeting van Kuifje en gen. Alcazar in de cartoon van Hergé op 1 september. Ter vergelijking met een bijna identieke 'gag' op de eerste pagina van 'Cokes in Voorraad' uit Kuifje Weekblad 44 1956.


Brereton Diaries:
8 August'44:
In 1784 Franklin said:'Where is the Prince who can afford so to cover his country with troops for its defense, as that ten thousand men descending from the clouds, might not, in many places, do an infinite deal of mischief gefore a force could be brought together to repel them?'
13 August'44:
Gen.Bradley heartily agrees with our decision not to permit the use of airborne troops in small harassing operations such as requested by Gen.Montgomery.
3 September'44:
I told Gen.Browning that the operation would be mounted tomorrow or not at all.
5 September'44:
"Linnet II", a drop in the Aachen-Maastricht gap cancelled. Planning proceeded on Operation Market.
2000 June 15 : Helmut Knochen ; ‘ Mais je vais vous relater un événement dont je n’ai jamais parlé. A la fin de son séjour, Heydrich me prend à part et me fait une confidence qui m’a stupéfié et que je peux aujourd’hui révéler ’ :" Knochen, la guerre ne peut plus être gagnée, il faudra trouver une paix de compromis et je crains qu’Hitler ne puisse l’admettre. Il faut y réfléchir ". ‘ Manifestement, il voulait revenir à Paris quelques semaines plus tard et prendre des initiatives. Concernant le régime, il semblait envisager un complot. Lui seul avait les capacités et le pouvoir pour agir, alors que le complot du 20 juillet 1944 s’est révélé un travail d’amateurs voué à l’échec. Pour moi, Heydrich était le dignitaire du parti le plus intelligent et, en dehors de lui, il n’y avait personne pouvant comprendre la situation réelle. Il avait compris que l’entrée en guerre des USA impliquait la mise en route d’une formidable industrie de chars et d’avions. L’Allemagne ne pourrait pas suivre ‘.
* uit 'Zwijgen betekende Goud' André Truyman. Lees ook op p. 428/429 'Paralysis in Normandy' p.428/429 hetgeen Captain Basil Little Hart schreef over dit moment in de oorlog - 4 sept. 1944-, nadat hij in de gelegenheid was geweest om de Duitse generaals hierover te horen in 'The Other side of the Hill'
Lees ook 'De brug die zijn gewicht in goud waard was'
Geen opmerkingen:
Een reactie posten